Regelmatig zie ik een gesprek of vergadering in de soep lopen, waardoor er geen, of onlogische beslissingen worden genomen. Na een bezoek aan een lezing van Matthijs Schouten, natuurfilosoof, heb ik wat meer woorden gevonden om dat wat er gebeurt te plaatsen. Ook heb ik suggesties hoe een dergelijk gesprek goed gevoerd en afgerond kan worden. Twee manieren om naar de wereld te kijken liggen daaraan ten grondslag. 

Matthijs Schouten hield dit voorjaar een betoog tijdens het Compassie-College “Compassie en Natuur”, georganiseerd door de Beweging van Barmhartigheid en NieuwWij. Het ging onder andere over hoe we de wereld aanschouwen volgens de objectieve waarneembaarheid en hoe we de wereld aanschouwen volgens de beleving. En hoe wij daar als mensheid vervolgens mee omgaan, en of ons dat wel of niet helpt.

De wereld beschrijven

Van zijn betoog zijn de termen paradigma 1 en paradigma 2 blijven hangen. Paradigma 1 staat voor de manier waarop we naar de wereld kijken vanuit, zoals we het nu zouden beschrijven, het wetenschappelijke oogpunt. Ooit gevoed door Aristoteles, die is begonnen met het duiden van alles wat er zich op aarde bevindt. Met het duiden ontstaat het onderscheid tussen objecten en wordt alles vastgelegd in termen van causaliteiten, correlaties en functionaliteiten. Behoorlijk rationeel dus. Enorm handig, als we objectief naar een onderwerp willen kijken en op basis daarvan willen besluiten. Het past ook bij onze westerse cultuur.

Er is echter ook een andere kijk op de wereld. In paradigma 2 kijken we naar de wereld zoals we deze beleven. Of, zoals Matthijs het vertelde, in paradigma 2 beschrijven we niet hoe dingen samenhangen in causaliteit, functionaliteit en correlaties – we beschrijven in paradigma 2 een geleefde ervaring. Daar zit het voelen, het emotionele leven, de intuïtie en het, zoals hij het noemde, “ervaren in de wereld zijn”. Da’s niet rationeel – sterker nog, dat slaat rationeel vaak nergens op. En toch, toch is deze beleving essentieel voor ons ‘zijn’ en het geven van betekenis aan het leven.

Volkomen nonsens

Als voorbeeld vroeg hij de zaal wie er wel eens verliefd was geweest. En hoe we onze geliefde zouden beschrijven. Hij vervolgde door een mogelijk antwoord te geven vanuit paradigma 1: “Mijn geliefde is van het vrouwelijke geslacht of het mannelijke geslacht, is 1 meter 71 en 2 millimeter lang, hartslag in ruste 62 en bloeddruk 110 over 90. Allemaal waarneembare kenmerken waardoor uw geliefde te onderscheiden is van alle andere entiteiten waar u mogelijk verliefd op zou kunnen worden.” Vanuit paradigma 2 zou er waarschijnlijk een heel ander antwoord komen. Hij noemde als voorbeeld: “Als mijn geliefde glimlacht, gaat de zon op.” Dat is natuurlijk, zoals hij zei: “volkomen nonsens, daar klopt causaal, functioneel en correlatief helemaal niets van.” Wel beschrijft het wat we beleven en wat we voelen. Het gaat niet over onderscheiden, de scheiding tussen wereld en mens en tussen object en subject wordt opgeheven. Het ‘Dasein’, zoals Heidegger dat noemt.

Belevingen worden feiten

Een week later zat ik bij een vergadering van een klant, als toehoorder/observator. En in deze alledaagse setting kwamen de beide paradigma’s langs – en beïnvloedden elkaar.  Er was een probleemsituatie, resultaten bleven achter en deze werden vanuit paradigma 1 feitelijk gepresenteerd. Er was geen schuld, de meting was objectief, er was geen speld tussen te krijgen. Er ontstond een discussie over, men ging op zoek naar de (vermoedelijke) oorzaak en de emoties begonnen wat op te lopen. Een lang verhaal kort: op een gegeven moment riep iemand: “Maar Gerard komt zijn afspraken echt nooit na!” Dat werd beaamd en Gerard zou op het matje geroepen worden. Hier was paradigma 1 ineens uit beeld. We kunnen met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid zeggen dat de opmerking die gemaakt werd niet juist is. Het is niet waar dat Gerard zijn afspraken nooit nakomt. De stemverheffing, samen met de licht dominante persoonlijkheid maakte wel dat er een oorzaak was gevonden en daar werd naar gehandeld. Het was de beleving van de situatie, in dit geval hoe naar Gerard werd gekeken, als onderdeel van het probleem wat breed speelde. Wat er vervolgens gebeurde was dat deze paradigma 2 uitspraak werd overgenomen in de paradigma 1 wereld. Dat Gerard zijn afspraken “echt nooit nakomt” is een feit geworden. Gerard werd aangesproken en het echte probleem was, waarschijnlijk voor korte duur, van tafel. Daarnaast had de opmerking invloed op Gerards reputatie, wat toekomstige beslissingen kan beïnvloeden.

Waarschijnlijk is bovenstaande situatie, al dan niet in mildere vorm, herkenbaar. Er gaan aardig wat meningen, oordelen en overdrijvingen over tafel in formele én informele bijeenkomsten, waarop vervolgens (belangrijke) beslissingen worden genomen. Dit al dan niet met de nodige emotionele uitingen. Dat de beslissingen vervolgens het echte probleem niet oplossen is vast ook herkenbaar.

Het belang van de beleving

Moeten we nu de paradigma 2 uitspraken verbannen? Nee, zeker niet. We kunnen er wel anders mee omgaan op de momenten dat het, zoals in bovenstaande voorbeeld, niet bijdraagt. Het enige dat volgens mij nodig is, is dat een dergelijke uitspraak van Gerard wordt gezien als welkome aanleiding om een diepere oorzaak te vinden. Hij zegt dit niet voor niets. Er is iets belangrijks én aanwijsbaars wat eraan ten grondslag ligt. In een dergelijke vergadering is het dan goed om de uiting te waarderen en via onbevooroordeelde vraagstelling de uitspraak uit de paradigma 2 wereld terug te brengen naar de wereld van paradigma 1. En op basis van deze feiten te besluiten.

Naast de spontane uitingen van paradigma 2 is het denk ik ook van wezenlijk belang om de wereld van beleving in de organisatie te gebruiken. Het draagt enorm bij aan het welbevinden, de coherentie, de samenwerking en het succes van de organisatie. Paradigma 2 zorgt voor bezieling en betrokkenheid. Waarom zijn we hier en wat komen we doen? Wat voelen we erbij?  Waar krijgen we energie van? Het heeft iets gezamenlijks, met minder onderscheid. Het is dan ook nodig om naar elkaar te kijken als mensen, niet als functionarissen. Ik denk zelfs dat de paradigma 2 wereld eerst aandacht nodig heeft, om van daaruit de feitelijke wereld in te richten. Paradigma 2 krijgt in onze westerse cultuur niet veel aandacht, we leven in een gescheiden wereld – daarin kan een herontdekkingstocht helpen. We kunnen onszelf terugbrengen naar een meer oorspronkelijke, verbonden staat (het rewilden). Ik denk dat het goed is om voor zowel het herontdekken als het inrichten van de feitelijke wereld tijd te nemen.

Werk aan de winkel

Tot slot, ter inspiratie, als het gaat om het verkleinen van het onderscheid en het vergroten van betrokkenheid binnen een organisatie – Matthijs citeerde uit de Isha Upanishad (6):

Wie al wat hier op aarde leeft en beweegt en is,
ziet als in het eigen Zelf.
En dat Zelf weer als levend in al wat is,
die kent geen haat of afkeer meer.

Of, iets minder poëtisch: “Wie alle wezens in zichzelf kan zien, en zichzelf in alle wezens, kent geen haat of afkeer.” Er is nog wat werk aan de winkel.

 

Ik doe Matthijs Schouten veel te kort met de kleine stukjes uit zijn betoog. Hij schreef onder andere het boek “Spiegel van de natuur” waarin hij het natuurbeeld beschrijft in cultuurhistorisch perspectief. Hij studeerde biologie, vergelijkende godsdienstwetenschappen, oosterse filosofie en Keltische taal- en letterkunde. Hij is als ecoloog en natuurfilosoof verbonden aan Staatsbosbeheer. Bovendien is hij hoogleraar Natuur- en Landschapsbescherming aan de universiteiten van Cork en Galway en emeritus hoogleraar in de Ecologie en Natuurbeheer aan de Wageningen Universiteit. Kijk hier voor een korte impressie van het compassie-college, zijn boeken zijn verkrijgbaar via de bekende kanalen. 

Reageer